Absoluut geen talent: De waarheid over IQ, doelgerichte oefening en creativiteit

Absoluut geen talent: De waarheid over IQ, doelgerichte oefening en creativiteit

Cognitief wetenschapper Scott Barry Kaufman richt zich op onderzoek naar intelligentie, creativiteit en menselijk potentieel. In zijn boek onderzoekt hij niet alleen hoe we leren, maar probeert hij ook de gangbare, beperkte opvattingen over ‘IQ’ en ‘talent’ te ontkrachten. Door zijn eigen ervaringen te delen, opent hij nieuwe mogelijkheden en biedt hij hoop aan mensen die met het label ‘leerstoornis’ zijn bestempeld.

Dit jaar heb ik 100 boeken gelezen, waarmee ik mijn jaarlijkse leesdoel ruimschoots heb gehaald. De gelezen werken bestreken diverse domeinen, waaronder wetenschap, geneeskunde, psychologie, kunst, sociale wetenschappen, literatuur en investeringen. Er zaten heel wat pareltjes tussen, en na een grondige selectie wil ik er graag een aantal aanbevelen. Er zijn werkelijk zo veel uitmuntende boeken dat ik, om de lijst niet te lang te maken, alleen de crème de la crème heb gekozen. De boeken die ik hieronder aanbeveel, heb ik allemaal beoordeeld met minstens vier of zelfs vijf sterren (op een schaal van vijf).

Misschien hebben ze mijn horizon verbreed en mijn inzichten verdiept, of heb ik er veel waardevolle kennis uit opgedaan. Sommige hebben mijn hart diep geraakt, me vreugde of verdriet gebracht. Al deze boeken zal ik in de toekomst opnieuw lezen, wat de betekenis van deze werken voor mij aantoont en tevens de toegevoegde waarde van deze aanbevelingslijst onderstreept.


Dit is de tweede aanbeveling:

《Absoluut geen talent: De waarheid over IQ, doelgerichte oefening en creativiteit - Scott Barry Kaufman》

Oorspronkelijke titel: Ungifted: Intelligence Redefined - Scott Barry Kaufman

Voor wie is dit boek geschikt?


Toen ik de titel voor het eerst zag, dacht ik dat het weer zo’n ‘zelfhulpboek’ vol clichés was. Maar toen ik het opensloeg, bleek het een academisch werk op het gebied van cognitieve wetenschap. Veel mensen gaven het boek een lage beoordeling vanwege de academische stijl, maar ik vond het fantastisch! Als je van dit soort academische boeken houdt, is het een genot om te lezen, voornamelijk vanwege de hoge dichtheid aan kwaliteitsinformatie en de vele kritische reflecties en academische argumenten.

Auteur Scott Barry Kaufman is een Amerikaanse cognitief wetenschapper, gespecialiseerd in intelligentie, creativiteit en menselijk potentieel. In zijn boek bespreekt hij niet alleen het veelvoorkomende thema ‘hoe we leren’, maar probeert hij vooral de gangbare, beperkte opvattingen over ‘IQ’ en ‘talent’ te ontkrachten. Door zijn eigen ervaringen te delen, biedt hij nieuwe mogelijkheden en hoop aan mensen die met het label ‘leerstoornis’ of ‘onvoldoende capaciteiten’ zijn bestempeld.

De traditionele IQ-test in twijfel getrokken

Een van de hoogtepunten van het boek is de gedurfde kritiek op traditionele IQ-tests. Kaufman citeert tal van onderzoeken en voorbeelden die aantonen dat veel mensen die door IQ-tests als ‘niet hoogbegaafd’ werden bestempeld, juist uitzonderlijke prestaties hebben geleverd op diverse gebieden. Zelf heeft hij als kind een IQ-test afgelegd, maar door extreme angst en onvermogen om zich aan de gestandaardiseerde testvorm aan te passen, behaalde hij een lage score en werd hij gelabeld met een leerstoornis:

“Bij elke vraag twijfelde ik constant aan mezelf. Bij elke nieuwe vraag zag ik meerdere mogelijke antwoorden… Helaas bevatte deze test geen score voor creativiteit. … En zo werd mijn lot met één klap beslist.”

Juist daarom kan hij zich beter inleven dan de gemiddelde persoon in de situatie van kinderen die het label ‘laag IQ’ of ‘met een beperking’ krijgen. IQ-tests richten zich immers slechts op bepaalde dimensies, terwijl veel andere vaardigheden niet tot uiting komen in traditionele IQ-tests en examens, en niet door een eenvoudig getal kunnen worden gedefinieerd.

Op een breder niveau zouden we ‘intelligentie’ moeten beschouwen als een verzameling van meervoudige intelligenties, in plaats van als een enkele maatstaf. Naast taal-, reken- en logische vaardigheden zou intelligentie ook dimensies moeten omvatten zoals kunst, muziek, ruimtelijk inzicht, sociale communicatie, creativiteit, diversiteit van denken, passie, daadkracht en doorzettingsvermogen. Al deze capaciteiten beïnvloeden elkaar bovendien onderling.

Het meten van intelligentie met één enkele IQ-score was ook niet Binet’s oorspronkelijke intentie. Binet stond echter enigszins geïsoleerd van de academische wereld, waardoor zijn onderzoeksresultaten niet op waarde werden geschat en zelfs werden misbruikt. Zoals ontwikkelingspsycholoog Robert Siegler zei: “Het is uiterst ironisch dat mensen zo sterk geloven dat Binet’s grootste bijdrage was om intelligentie te reduceren tot één enkel getal – de IQ-score, terwijl een terugkerend thema in Binet’s onderzoek juist de opmerkelijke diversiteit van intelligentie was.”

Binet en Simon ontwierpen oorspronkelijk de ‘Binet-Simon intelligentieschaal’ om onderwijsinstellingen te helpen kinderen te identificeren die mogelijk extra hulp nodig hadden binnen het reguliere schoolsysteem. In het Frankrijk van die tijd wilden echter veel mensen alleen ‘kinderen met een verstandelijke beperking’ identificeren en ‘uitsluiten’, zonder enige intentie om onderwijsmethoden te verbeteren of deze kinderen te helpen vooruitgang te boeken. Deze trend verspreidde zich geleidelijk over de hele wereld.

Potentieel is dynamisch en groeit

Een ander belangrijk inzicht van Kaufman is dat potentieel geen statisch concept is, maar voortdurend verandert door oefening en ervaring.

Michael Jordan kon niet vanaf de vrije worplijn dunken bij zijn geboorte; zijn uitzonderlijke talenten en eigenschappen waren niet aangeboren. Genetische codes zijn er niet om eigenschappen te vormen, maar om eiwitten te synthetiseren. We worden niet alleen door aanleg gevormd, noch alleen door opvoeding. De omgeving en onze genen zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden; elke eigenschap ontwikkelt zich in de interactie tussen genen en omgeving. Aangeboren en aangeleerd sluiten elkaar niet uit, maar vullen elkaar aan.

‘Grote prestaties’ zijn het resultaat van de samensmelting van meerdere factoren, waaronder de ontwikkeling van vele persoonlijke kenmerken, de accumulatie van levenservaring, kansen en toeval. De vaardigheden die de prestatie op een IQ-test bepalen, zijn slechts een deel van de vele factoren die bijdragen aan grote prestaties.

Kleine genetische voordelen kunnen zich in de juiste omgeving exponentieel ontwikkelen; dit is het multiplicatoreffect. Genen en omgeving beïnvloeden elkaar wederzijds: genen kiezen zelf de omgeving die het best bij hen past, en de omgeving versterkt of remt deze eigenschappen op zijn beurt verder af. ‘Grote prestaties’ zijn niet aangeboren, maar vergen tijd om zich te ontwikkelen. IQ-tests kunnen ‘grote prestaties’ niet bepalen of voorspellen.

Potentieel is een voortdurend bewegend doel. Hoe meer we ergens aan deelnemen, hoe meer ons potentieel toeneemt. Er bestaat in geen enkel domein een echte ‘IQ-drempel’, dus leg jezelf geen beperkingen op en durf te proberen. Dream big!

Dit is ook wat ik eens heb gezegd:

Over ‘spijt’ hoor je mensen vaak zeggen dat ze spijt hebben van XXX, en dat als ze destijds A in plaats van B hadden gekozen, hun leven nu totaal anders zou zijn. Maar het leven heeft niet slechts één keuze, het kent talloze keuzes. Een paar verkeerde keuzes doen er niet toe; je kunt ze later steeds weer bijsturen, en uiteindelijk zal het gemiddelde zich herstellen. Wat voor persoon je uiteindelijk wordt, is niet te danken aan geluk of fouten, maar omdat je er zelf voor hebt gekozen om die persoon te zijn.

Neurodiversiteit: Verschillen bekijken vanuit een inclusief perspectief

De auteur presenteert een inclusiever perspectief op mensen met autismespectrumstoornis (ASS), aandachtstekortstoornis met hyperactiviteit (ADHD), dyslexie en andere aandoeningen, die vaak unieke sterke punten hebben op bepaalde gebieden. Dit sluit naadloos aan bij het moderne concept van neurodiversiteit (Engels: Neurodiversity), dat benadrukt dat deze persoonlijkheidskenmerken geen gebreken zijn, maar moeten worden beschouwd als onderdeel van de menselijke evolutie en diversiteit van expressie.

Verschillende neurologische kenmerken kunnen op bepaalde gebieden specifieke voordelen opleveren. Zo kunnen individuen met ADHD een sterkere creativiteit hebben, mensen met autisme een buitengewone focus of geheugen op bepaalde gebieden, en dyslectici unieke voordelen op visueel gebied.

Auteur Scott Barry Kaufman werd als kind gediagnosticeerd met een leerstoornis, maar voelde diep vanbinnen dat zijn capaciteiten verder reikten. Hij wijdde zich daarom aan de studie en het onderzoek van cognitieve wetenschap over de ontwikkeling van menselijk potentieel, vastbesloten om de grenzen van zijn eigen kunnen en de hoogte van zijn potentiële prestaties te ontdekken. De rode draad van het hele boek is geworteld in het lijden dat de auteur heeft ervaren door het label ‘leerstoornis’. Hij wilde in zijn eentje de stereotypen rond dit label doorbreken, het hele IQ-beoordelingssysteem ter discussie stellen en ertegen in opstand komen, en uiteindelijk een succes behalen dat ieders verwachtingen overtrof. Hij hoopt dat zijn ervaringen en onderzoeksresultaten anderen inspiratie en aanmoediging kunnen bieden. Dit boek is dus zowel wetenschappelijk als persoonlijk, rijk aan reflectie en vol menselijke compassie, en zeer de moeite waard om te lezen.

Bovendien is wat ik in dit artikel heb genoemd slechts het topje van de ijsberg van dit boek. Het bevat nog veel meer waardevolle inhoud. Je zult ontdekken dat veel conclusies in het boek overeenkomen met die in veel bekende ‘zelfhulpboeken’ (boeken over persoonlijke groei). Maar hier wordt eindelijk vanuit een wetenschappelijk perspectief uitgelegd waarom veel inzichten over persoonlijke groei redelijk zijn; het kan worden beschouwd als de wetenschappelijke bijbel voor persoonlijke groei.